Meditatie


Meditatie 

                        
bijbel
 


,,De dood is verslonden tot de overwinning".
1 Kor. 15:54 slot.

De dood is dood!!!

Veel mensen laten het eerste woordje van het opschrift weg: dood is dood!
Dat is dan wel heel wat anders!
Men wil ermee zeggen: als je dood gaat is het uit. Dan is het met je af-gelopen!
Dan komt het absolute einde. Verder moet je je er maar niet druk over maken. Dood is dood. Punt uit! ! !
In de gemeente van Korinthe waren er, die ook in die richting rede-neerden. Als het ging over de wederopstanding der doden haalden ze hun schouders op. Ze geloofden er niet zo erg in.
O ja, ze geloofden wel in de opstanding van Christus. Maar merkwaar-digerwijs niet in de wederopstanding der doden.
Ze waren van mening dat de dood inderdaad een punt is achter het leven.
Daarom zeggen ze ook: laten we eten en drinken en vrolijk zijn, want morgen sterven wij. Pluk de dag!
Je moet het leven genieten zolang je het hebt, want morgen kan het afgelopen zijn. Want: dood is dood!

Deze redenering wijst Paulus resoluut af.
Het is voor hem aanleiding om uitvoerig over de betekenis van de op-standing van Christus te schrijven. In een prachtig beeld (de graankorrel die sterft in de aarde) legt hij de adressanten uit hoe ze moeten denken over de opstanding des vleses.
En dan komt hij aan het slot van dit lange hoofdstuk tot de geweldige uitspraak: DE dood is dood! Niet: dood is dood. Wie dat zegt en daar-naar leeft ontkent Pasen.
Nee: DE dood is dood. De dood is verzwolgen in de overwinning.
O nee, zover is het nog niet. De dood is nog niet weg. Paulus zet dit in de toekomst.
Nu gaat de dood nog in al z'n verschrikkingen rond.
Hier een kind van 11 door een tragisch ongeluk, daar een moeder van 48 door een vreselijke ziekte en weer ergens anders een oude vader van 79. De dood is er nog . . .
Maar wel anders sinds Pasen!
Zo voor het oog niet.
Maar sinds Christus de dood op eigen terrein overwonnen heeft, is hij verslagen. De dood is een overwonnen vijand. Hij is in dienst van Christus gekomen. Een overwonnen vijand kun je als gevangene te werk stellen. Dat is ook met de dood gebeurd. Door Christus.
De dood heeft in feite niets meer in te brengen.
Jezus heeft de dood vernietigend verslagen!
Bijna ironisch roept Paulus de dood toe: Dood, waar is uw overwin-ning, dood, waar is uw prikkel? Met andere woorden: je bent niets meer. Ik kan eigenlijk om je lachen.
Je lijkt angstaanjagend en schrikwekkend, maar het is met je gebeurd!
Al sterven er nog dagelijks, al gaat de dood nog van de een naar de an-der, al worden er nog elk moment smartelijke verliezen geleden - sinds Pasen heeft de dood niet meer het laatste woord. Wie gelooft in Chris-tus Jezus kan de stelling: dood is dood, als absoluut onwaar verwerpen. Het is Gode-zij-dank niet waar: dood is dood! DE dood is dood!
Ik zou zeggen: op sterven na dood.
Hij is vernietigend verslagen.
Hij is door Christus als overwonnen vijand te werk gesteld.
Je zou kunnen zeggen: om Gods kinderen thuis te halen.
Maar eenmaal zal er niets van hem overblijven.
Er staat een werkwoord in de tekst hierboven, dat heel radicaal is.
De dood is door de overwinning volkomen opgeslurpt.
Zoals de Egyptenaren voorgoed verdwenen in het water van de Rode Zee, zo is de dood voorgoed verdwenen in de zee van Christus' over-winning.

Nu is hij de jongste bediende van Christus.
Straks zal hij er in het geheel niet meer zijn.
Dit is een geweldig Evangelie.
Dit is werkelijk blijde boodschap!
Dit staat haaks op het fatalisme dat vandaag allerwegen wordt verkon-digd.
Dit is ook troost.
Troost bij elke confrontatie met de dood.
Troost bij ziekte, troost bij verval van krachten, troost bij het naderen van het einde of bij het plotseling verlies van iemand die je zeer na stond.
Troost ook in een wereld vol dreiging en geweld.
Die troost, dit perspectief heb je alleen door het geloof.
Dit valt niet te beredeneren.
Hier kun je geen theorie over opbouwen.
Dit is te verstaan en te aanvaarden door het geloof.
Geloof in Hem, die de dood alle macht ontnomen heeft. Geloof in Hem, die getriomfeerd heeft over wat wij onherroepelijk en onvermij-delijk het einde noemen.
Geloof. Inderdaad.
Morgen staan de rouwadvertenties weer bij rijen in de krant.
Morgen vallen er weer 10, 20 verkeersslachtoffers.
Morgen sterven er weer in ziekenhuizen en inrichtingen.
Morgen liggen er weer lijken in de straten van veel grote steden.
Ja, geloof.
Dat geloof is geen dooddoener, een zoethoudertje.
Dit geloof is rekenen met de realiteit, die Jezus met Pasen verworven heeft en die op de jongste dag volledig zal ingaan.
Het is geloven in het vaste woord van God, dat ons deze realiteit ver-kondigt.
Ja, soms kun je het haast niet geloven.

Door een rapport van de dokter kun je helemaal van de kaart zijn. Leed en verlies kunnen maken dat je het niet meer ziet.
Maar dan wijst de Heere ons weer opnieuw op dit Evangelie. Op Hem, die de oorzaak van alle dood, de zonde, heeft weggenomen.
We hebben de dood, de eeuwige dood verdiend.
Maar juist daarmee mogen we bij deze Levensvorst komen.
Hij alleen kan echt leven geven!
Iemand schreef eens een boekje met de titel: Heden overleed de dood.
Ja, dat is waar.
De dood is dood, eenmaal zal hij verzwolgen worden in de overwin-ning. Blijder boodschap is niet denkbaar.
Blijde boodschap voor mensen, die van zichzelf uit geen hoop, geen perspectief hebben. Daarom ook blijde boodschap voor u . .
.
ds. J. van Mulligen